Pool

A1: 100m / 200 m Hindernisredden

Beschrijving van de Proef

Na een geluidssignaal duikt de atleet in het water en zwemt 200 m vrije slag.

Gedurende deze proef zwemt hij/zij acht (8) maal onder een ondergedompelde hindernis. De atleet moet voor iedere hindernis boven water komen (d.w.z. mag bij de start niet direct onder de hindernis duiken en moet tussen twee hindernissen boven komen). De atleet mag afduwen op de bodem, om boven te komen, na iedere hindernis.
Voor de -14 jarigen wordt deze afstand gehalveerd

Noot: “boven komen” betekent het wateroppervlak doorbreken zodanig dat het aangezicht duidelijk zichtbaar is.

Ligging van de hindernissen

De hindernissen zijn geplaatst onder water, op een rechte lijn, dwars over de zwembanen:

• De hindernissen zijn aan de baanvlotters bevestigd.
• De eerste hindernis is op 12.5 m van de startlijn geplaatst.
• De tweede hindernis is op 12.5 m van de overzijde van het bad geplaatst (in een 50 m-bad).
• De afstand tussen twee hindernissen is 25 m (in een 50 m-bad).

 

Diskwalifikatie

Valse start zoals beschreven in Sectie 7 – Start van het Technisch Reglement.

• Indien de atleet over de hindernis zwemt en niet onmiddellijk terugkeert over de hindernis, gevolgd door onder de hindernis te duiken.
• Niet boven komen voor de eerste hindernis na de startduik.
• Niet boven komen tussen twee hindernissen.
• Geen contact met de muur, met enig lichaamsdeel, bij het nemen van het keerpunt.
• Nalaten de muur duidelijk te tikken bij het aankomen.
• Hinderen van officials door trainers, coaches, clubleden, ouders, supporters, zodat officials hun taak niet naar behoren kunnen uitvoeren.

 

A2: 50m / 100m Popredden met vinnen

Beschrijving van de proef

De atleet zwemt eerst 50m vrije slag met zwemvliezen (vinnen). Een deel van deze afstand moet aan het wateroppervlak afgelegd worden. Vervolgens duikt de atleet naar een pop, brengt ze binnen de 10m aan de oppervlakte en sleept de pop over een afstand van 50m naar de aankomst
Voor de -14 jarigen worden de afstanden gehalveerd.

Ligging van de pop

Diepte
De pop zou op een diepte moeten liggen tussen 1 en 3 meter.

Plaats
De volledig met water gevulde pop is gelegen op de rug op de bodem van het zwembad, met het hoofd in de richting waar moet naartoe gezwommen worden (naar de aankomst in een 50 m bad naar het keerpunt in een 25 m bad). De basis van de pop ligt tegen de muur van het zwembad.

Methode om de pop boven te brengen

De pop moet boven gebracht worden met ten minste één hand, en in de juiste sleeppositie gebracht worden voor het hoofd van de pop de 10 m-lijn overschrijdt.

De atleet mag zich van de bodem van het zwembad afduwen bij het naar boven brengen van de pop.

Vervoermodaliteiten

Het gezicht van de pop moet boven het water gehouden worden zoals beschreven in onderstaande nota.
De pop mag niet bij de keel, op de mond of op de neus vervoerd worden.
Kingrepen (waarbij het vastnemen van de kin zeer duidelijk is) zijn toegelaten.
Het vasthouden van de pop moet met minstens één hand gebeuren.
De atleet mag de pop niet loslaten voor het aantikken van de muur.
De pop moet gesleept worden en niet geduwd.

Noot 1:

In proeven waarbij de pop gebruikt wordt, is het de bedoeling een redding te simuleren. De attitude van de redder moet zo zijn dat hij een continue intentie heeft om het hoofd van de pop uit het water te houden. Hij/zij moet dus een positie van nood vermijden en het hoofd niet constant onder water houden. De redder moet een echte bezorgdheid tonen door het aangezicht van de pop boven water te houden om zo een doeltreffende ademhaling te garanderen. Officials moeten er rekening mee houden dat de snelheid van de uitvoering van deze proef een zeer belangrijk aspect is. Als het water soms over het gezicht van het slachtoffer komt, moet dit niet beschouwd worden als strafbaar. Als een tegengestelde houding geobserveerd is, zal de redder gestraft worden.

Noot 2:

In een 25 m bad waar de atleet bij deze wedstrijdproef een keerpunt moet nemen, moet de atleet aantikken zoals bij een aankomst. Bij het keren kan de atleet de greep veranderen (zelfs wurgen of hand op de mond), pop laten ondergaan, maar de atleet mag ze niet loslaten. Eens de atleet een goede sleeppositie heeft ingenomen (hier wordt echter niet naar meters of decimeters gekeken) mogen er geen fouten meer gemaakt worden.

Diskwalifikatie

• Valse start zoals beschreven in Sectie 7 – Start van het Technisch Reglement.
• Hulp zoeken (voordeel halen) bij enige zwembaduitrusting bij het opduiken van de pop, bijvoorbeeld baanvlotters, trappen, enz.
• Het hoofd van de pop moet boven zijn voor de 10 m lijn.
• Het onreglementair vervoeren van de pop zoals voorgeschreven in vervoermodaliteiten (behalve hoofd onder – foutieve greep).
• Geen contact met de muur, met enig lichaamsdeel, bij het nemen van het keerpunt (in een 25 m bad).
• De pop loslaten voor het aantikken van de muur bij de aankomst.
• Hinderen van officials door trainers, coaches, clubleden, ouders, supporters, zodat officials hun taak niet naar behoren kunnen uitvoeren.

Strafpunten

• Het aangezicht van de pop niet steeds boven water gehouden = 250 strafpunten.
• De pop bij de keel, neus of mond vervoeren = 250 strafpunten.

 

A3: 50m / 100 m Reddingscombine

Beschrijving van de proef

Na het startsignaal duikt de atleet in het water en zwemt 50 m vrije slag.
Na het keren moet de atleet duiken en onder water naar een pop toe zwemmen die zich 17,5 m verder bevindt.
Nadat de atleet de pop heeft boven gebracht, voor de 5 m-lijn, vervoert de atleet ze over de resterende afstand tot aan de aankomst.
Atleten mogen ademen tijdens het keerpunt, maar nadat hun voet de muur verlaten heeft mag er niet meer geademd worden tot de atleet boven komt met de pop. (Dit betekent dat een atleet kan blijven wachten aan het keerpunt om te ademen.)
Bij het onder water zwemmen kan een atleet toevallig het wateroppervlak doorbreken met zijn achterhoofd, voet; dit is toegelaten maar hij mag niet onder water aan het wateroppervlak zwemmen (vrije slag of schoolslag). Afduwen met de voeten van de bodem tijdens het onder water zwemmen mag niet, wel als hij de pop opneemt en afduwt om naar het wateroppervlak te komen.
Voor -14 jarigen wordt de afstand gehalveerd en dienen zijn slechts 10m onder water te zwemmen.

Ligging van de pop

Diepte
De pop moet op een diepte liggen tussen 1 en 3 meter.
Plaats
De dwarslijn in het midden van de borst van de pop moet op de 17,5 m-lijn geplaatst worden.
De pop moet op de rug liggen, met het hoofd in de richting van de zwemrichting (in een 50 m bad naar de aankomst in een 25 m bad naar het keerpunt).

Methode om de pop boven te brengen

De pop moet boven gebracht worden en in de juiste vervoerpositie gebracht worden voor het hoofd van de pop de 5 m-lijn overschrijdt.
De atleet mag zich van de bodem van het zwembad afduwen bij het naar boven brengen van de pop

Vervoersmodaliteiten

Neus of mond van de pop moet boven het water gehouden worden zoals beschreven in onderstaande nota. De pop mag niet bij de keel, op de mond of op de neus vervoerd worden. Kingrepen (waarbij het vastnemen van de kin zeer duidelijk is) zijn toegelaten.
Het vasthouden van de pop moet met minstens één hand gebeuren.
De atleet mag de pop niet loslaten voor het aantikken van de muur.
De pop moet vervoerd worden en niet geduwd.

Noot 1:

In proeven waarbij de pop gebruikt wordt, is het de bedoeling een redding te simuleren. De redder moet de neus of de mond van de pop steeds boven het wateroppervlak houden. De atleet moet dus een positie van nood vermijden en de neus of de mond van de pop niet onder water houden. De redder moet een echte bezorgdheid tonen door de neus of de mond van de pop boven water te houden om zo een doeltreffende ademhaling te garanderen. Officials moeten er rekening mee houden dat de snelheid van de uitvoering van deze proef een zeer belangrijk aspect is. Als het water soms over het gezicht van het slachtoffer komt, moet dit niet beschouwd worden als strafbaar. Als een tegengestelde houding geobserveerd is, zal de redder bestraft worden.

Water dat in een golf over het hoofd van de pop vloeit is soms moeilijk te beoordelen. Bemerk je dat de pop geen neerwaartse beweging maakt en je ziet dat het wateroppervlak (horizontale waterlijn) tegen het hoofd van de pop komt dan kunnen we spreken van water dat over de pop vloeit. Merk je duidelijk dat de pop op en neer gaat dan is dit geen golf maar zijn neus en mond onder water en wordt de atleet uitgesloten.

Noot 2:

In een 25 m bad waar de atleet bij deze wedstrijdproef een keerpunt moet nemen met een pop in de handen, moet hij aantikken. Na het aantikken bij het keren kan de atleet de greep veranderen (zelfs wurgen of hand op de mond of pop laten ondergaan), deze 5m kan hij de pop vervoeren zoals hij wil. De atleet moet de pop weer op de juiste manier vervoeren van zodra het hoofd van de pop de 5m-lijn passeert. Pas dan wordt hij terug beoordeeld voor het vervoeren van de pop.

Diskwalificatie

  • Geen contact met de muur, met enig lichaamsdeel, bij het nemen van het keerpunt (in een 25 m bad).
  • Indien de atleet ademt nadat de voet of het laatste lichaamsdeel de muur aan het keerpunt verlaten heeft vooraleer onder te duiken.
  • Afduwen van de bodem met de voeten tijdens het onder water zwemmen
  • Hulp zoeken (voordeel halen) bij enig zwembaduitrusting bij het opduiken van de pop. Bijvoorbeeld baanvlotters, trappen, enz.
  • De pop is niet boven en in de juiste vervoerspositie gebracht voor het bovenste gedeelte van het hoofd van de pop de 5m-lijn overschrijdt.
  • De neus of mond van de pop niet steeds boven water gehouden.
  • De pop bij de keel, neus of mond vervoeren.
  • Pop duwen in plaats of vervoeren
  • Als een atleet de pop loslaat bij het vervoeren.
  • Indien de atleet boven water komt na het keerpunt, tijdens het onder waterzwemmen naar de pop maar dan onmiddellijk terug onderduikt.
  • Nalaten de muur duidelijk te tikken bij het aankomen
  • De pop loslaten voor het aantikken van de muur bij de aankomst.

 

A4: 50 m Popredden

Beschrijving van de proef

Na het startsignaal duikt de atleet in het water en zwemt 25 m vrije slag, waarvan een gedeelte aan het wateroppervlak.
De atleet duikt naar de pop, brengt ze naar het oppervlak voor de 5 m-lijn en vervoert ze naar de aankomst.

Noot: de atleet mag afduwen op de bodem van het zwembad bij het naar boven brengen van de pop.

Ligging van de pop

Diepte
De pop moet op een diepte liggen tussen 1 en 3 meter.

Plaats
In een 50 m bad:
De dwarslijn, in het midden van de borst van de pop, moet op de 25 m-lijn geplaatst worden. De pop moet op haar rug liggen met het hoofd in de richting van de aankomst.

In een 25 m bad:
De pop ligt op haar rug met het hoofd in de richting van de aankomst en de basis tegen de muur van het zwembad.

Methode om de pop boven te brengen

De pop moet boven gebracht worden en in de juiste vervoerspositie gebracht worden voor bovenste gedeelte van het hoofd van de pop de 5 m-lijn overschrijdt.
De atleet mag zich met de voeten van de bodem van het zwembad afduwen bij het naar boven brengen van de pop.

Vervoersmodaliteiten

Neus of mond van de pop moet boven het water gehouden worden zoals beschreven in onderstaande nota.
De pop mag niet bij de keel, op de mond of op de neus vervoerd worden. Kingrepen (waarbij het vastnemen van de kin zeer duidelijk is) zijn toegelaten.
Het vasthouden van de pop moet met minstens één hand gebeuren.
De atleet mag de pop niet loslaten voor het aantikken van de muur.
De pop moet vervoerd worden en niet geduwd.

Noot 1:

In proeven waarbij de pop gebruikt wordt, is het de bedoeling een redding te simuleren. De redder moet de neus of de mond van de pop steeds boven het wateroppervlak houden. De atleet moet dus een positie van nood vermijden en de neus of de mond van de pop niet onder water houden. De redder moet een echte bezorgdheid tonen door de neus of de mond van de pop boven water te houden om zo een doeltreffende ademhaling te garanderen. Officials moeten er rekening mee houden dat de snelheid van de uitvoering van deze proef een zeer belangrijk aspect is. Als het water soms over het gezicht van het slachtoffer komt, moet dit niet beschouwd worden als strafbaar. Als een tegengestelde houding geobserveerd is, zal de redder gestraft worden.

Water dat in een golf over het hoofd van de pop vloeit is soms moeilijk te beoordelen. Bemerk je dat de pop geen neerwaartse beweging maakt en je ziet dat het wateroppervlak (horizontale waterlijn) tegen het hoofd van de pop komt dan kunnen we spreken van water dat over de pop vloeit. Merk je duidelijk dat de pop op en neer gaat dan is dit geen golf maar is neus en mond onder water en wordt de atleet uitgesloten

Diskwalificatie

  • Indien de atleet niet naar de oppervlakte komt alvorens naar de pop te duiken.
  • Hulp zoeken (voordeel halen) bij enig zwembaduitrusting bij het opduiken van de pop. Bijvoorbeeld baanvlotters, trappen, enz.
  • De pop is niet boven en in de juiste vervoerspositie gebracht voor het bovenste gedeelte van het hoofd van de pop de 5m-lijn overschrijdt.
  • De neus of mond van de pop niet steeds boven water gehouden
  • De pop bij de keel, neus of mond vervoeren.
  • Pop duwen in plaats of vervoeren
  • Als een atleet de pop loslaat bij het vervoeren.
  • Nalaten de muur duidelijk te tikken bij het aankomen.
  • De pop loslaten voor het aantikken van de muur bij de aankomst.

 

A5: 50m / 100 m Lifesaver

Beschrijving van de proef

Na het startsignaal duikt de atleet in het water en zwemt 50 m vrije slag met reddingsgordel en vinnen. De koord van de reddingsgordel moet niet volledig gestrekt zijn tijdens het zwemmen naar de pop aan het keerpunt. Na het aantikken van het muur bevestigt de atleet de gordel rond de pop voor de 5 m-lijn en sleept ze tot aan de aankomst.
Voor -14 jarigen worden de afstanden gehalveerd.

Positie van de pop

Voorbereiding:
De pop wordt gevuld met water zodat zij drijft op het wateroppervlak, tot op een niveau gelijk aan het bovenste deel van de dwarslijn die op de romp van de pop werd aangebracht.

Positie:
Voor de start van de proef wordt de pop in het water gebracht door een helper naar keuze.

De pop wordt links of rechts van de startblok (keuze van de atleet) in het water geplaatst en moet daar steeds vastgehouden worden met de hand(en). De positie van de pop is heel de wedstrijd verticaal en met het aangezicht naar de muur. Tijdens de wedstrijd mag de pop door de helper wel verschoven worden met de hand(en). Vlak voor het klikken houdt de helper de pop vast met beide handen.

De helper moet de pop onmiddellijk loslaten nadat de atleet de muur tikt. Hij mag de de pop niet duwen tijdens het loslaten.

Dragen van de reddingsgordel

Bij de start, mag de reddingsgordel en de koord vastgehouden worden naar eigen goedvinden maar wel binnen de eigen zwembaan.
De riem van de reddingsgordel moet altijd gedragen worden over één schouder ofwel dwars erover. Indien de riem tijdens het zwemmen toevallig van de schouder valt op de arm of elleboog van de atleet, en de atleet op die manier verder zwemt dan wordt de atleet niet uitgesloten.

Voor het aantikken aan de muur mag de atleet de gordel reeds vastnemen, maar hij mag de pop niet raken De pop mag pas vastgenomen worden nadat de atleet de muur heeft getikt.

Bevestigen van reddingsgordel en redden van de pop

Na het aantikken van de muur (na 50 m), zal de atleet de clip van de gordel bevestigen in een O ring onder beide armen en rond de pop. Dit alles dient te gebeuren voor het hoofd van de pop de 5 m-lijn.overschrijdt. Het is niet toegelaten de pop terug in de 5 m-lijn te duwen om dan de gordel juist te bevestigen. Eens met de pop buiten de 5m zone en de gordel is niet juist bevestigd dan wordt men uitgesloten.

De koord van de reddingsgordel moet niet volledig gestrekt zijn tijdens het zwemmen naar de pop.

Slepen van de pop

Atleten moeten de pop slepen, niet vervoeren (hij mag tijdens de laatste 45 m de pop niet met de hand of enig ander lichaamsdeel vervoeren). Na de 5 m lijn moet de atleet de pop zodanig slepen dat de mond of neus boven water blijft.
Zodra de atleet begint met het slepen van de pop moet de koord volledig gestrekt komen voor het hoofd van de pop de 10m-lijn overschrijdt. Concreet betekent dit dat hij de koord niet rond het lichaam noch rond de boei mag knopen.

Zolang de pop nog in de gordel zit mag de atleet tijdens het slepen stoppen om de gordel beter rond de pop te doen. Geen diskwalificatie, alhoewel de koord niet meer gestrekt is.
Als de pop uit de gordel geraakt dan wordt de atleet steeds uitgesloten. Het is niet toegestaan terug te zwemmen om de gordel opnieuw om de pop te bevestigen en zo de wedstrijd te beëindigen, hij zal uitgesloten worden. De atleet mag niet starten in een andere reeks.

Als de pop gedeeltelijk uit de gordel glijdt en bijvoorbeeld nog maar met 1schouder onder de gordel zit dan volgt er geen diskwalificatie.
Indien de wedstrijdleider oordeelt dat er een technisch defect is opgetreden tijdens de wedstrijd dan kan hij aan de deelnemer toestaan om zijn race te herdoen. Indien de atleet een defect heeft aan zijn vinnen of zijn vinnen terug moet aandoen na verlies dan heeft hij geen recht op een herstart.

Noot

In een 25 m bad waar de atleet bij deze wedstrijdproef een keerpunt moet nemen met een pop in de reddingsgordel, moet hij aantikken – dus juiste vervoertechniek voor pop en reddingsgordel toepassen. Na het aantikken bij het keren kan de atleet de pop helpen keren en eventueel de gordel beter bevestigen om de armen of het hoofd boven water (indien het hoofd was ondergegaan na het aantikken bij het keerpunt) brengen dit alles binnen de 5 m. Deze 5 m kan hij de pop slepen zoals hij wil. De atleet moet de pop weer op de juiste manier slepen van zodra het hoofd van de pop de 5m-lijn passeert. Pas dan wordt hij terug beoordeeld voor het slepen van de pop. De koord van de reddingsgordel moet volledig gestrekt zijn wanneer het hoofd van de pop de 10m lijn overschrijdt.

Diskwalificatie

  • De helper houdt de pop niet vast met de handen, of niet verticaal of niet met het aangezicht naar de muur.
  • Riem niet om één of dwars over de schouders bij de start
  • Geen contact met de muur, met enig lichaamsdeel, bij het nemen van het keerpunt.
  • De helper laat de pop niet los na het aantikken of helpt de atleet met hetbevestigen van de gordel om de pop.
  • De pop aangeraakt met enig lichaamsdeel of met de reddingsgordel bij het 50 m keerpunt vooraleer de muur te tikken.
  • Fout bevestigen van de gordel om de pop (niet onder en rond de armen of de clip niet in een O ring bevestig).
  • De gordel niet om de pop doen voor het hoofd van de pop de 5 m-lijn bereikt.
  • Buiten de 5m zone duwt de atleet de pop terug in de 5m zone om de gordel dan op de correcte manier te bevestigen.
  • De koord is niet volledig gestrekt als het bovenste deel van het hoofd van de pop de 10m-lijn overschrijdt.
  • De pop duwen in plaats van slepen.
  • De pop vervoeren i.p.v. slepen.
  • Neus of mond van de pop niet boven het wateroppervlak houden bij het slepen met de reddingsgordel
  • De pop is volledig uit de gordel geschoven.
  • Terug naar de pop zwemmen als die uit de gordel is om ze later opnieuw correct te vervoeren.
  • Nalaten de muur duidelijk te tikken bij het aankomen.

 

A6: 100m / 200m superlifesaver

Beschrijving van de proef

Na het startsignaal duikt de atleet in het water en zwemt 75 m vrije slag. De atleet duikt naar de volledig ondergedompelde pop, brengt deze naar het wateroppervlak voor de 5 m-lijn en vervoert ze tot aan het keerpunt (100 m).
Na het aantikken van de muur laat de atleet de pop los, blijft in het water, trekt vinnen aan en doet de reddingsgordel om. De riem van de reddingsgordel moet altijd gedragen worden over één schouder ofwel dwars erover. De atleet zwemt vervolgens 50m naar een 2de pop die wordt vastgehouden door een helper. Deze pop is gevuld tot aan de bovenste rand van de dwarslijn op de romp van de pop.

Na het aantikken van de muur bevestigt de atleet de gordel rond de pop voor het hoofd van de pop de 5 m-lijn overschrijdt en sleept ze het resterende deel van de laatste 50m tot aan de aankomst.

Voor -14 jarigen wordt de totale afstand gehalveerd. Hierdoor worden alle te zwemmen delen beperkt tot telkens 25m.

 

B1: 4×50 m Hindernisaflossing

Beschrijving van de proef

Na het startsignaal duikt de eerste atleet in het water en zwemt 50 m vrije slag, waarbij de atleet onder twee hindernissen zwemt.
Nadat de eerste atleet de muur aantikt herhalen in volgorde de tweede, de derde en vierde atleet heel deze procedure.

Elke atleet moet boven het wateroppervlak komen na de duik (dus voor de eerste hindernis), na elke hindernis en in een 25 m-bad na het keerpunt. Afduwen op de bodem om na de hindernis naar boven te komen, is steeds toegestaan.

Noot: boven het wateroppervlak komen wil zeggen het wateroppervlak doorbreken met het hoofd, hij moet geen armbewegingen maken boven water.

 

B2: 4×25 m Popaflossing

Beschrijving van de proef

Vier atleten zwemmen elk afwisselend 25 m met het vervoeren van een reddingspop.
De eerste atleet bevindt zich in het water, houdt met één hand een pop vast (neus of mond van de pop volledig boven het wateroppervlak) en met de andere hand de zwembadrand of de startblok.
Na het startsignaal, vervoert de atleet de pop 25 m (in een 50 m bad tot het midden van het bad) en geeft ze door aan de tweede atleet. Deze vervoert de pop eveneens 25 m (in een 50 m bad tot aan het keerpunt) tikt de muur en geeft de pop door aan de derde atleet. Deze derde atleet vervoert de pop vervolgens 25 m en geeft ze door aan de vierde atleet die de proef beëindigt door de pop tot aan de aankomst te vervoeren en de zwembadrand met gelijk welk lichaamsdeel te raken.
Vooraleer men de pop doorgeeft aan het keerpunt, moet de atleet eerst de boord van het zwembad raken. De volgende atleet mag niet eerder de zwembadrand loslaten of de pop aanraken.

 

B3: 4×50 m Reddingsgordelaflossing

Korte beschrijving van de proef

Eerste atleet: 50 m vrije slag
Tweede atleet: 50 m vrije slag met vinnen
Derde atleet: 50 m vrije slag, met slepen van de reddingsgordel
Vierde atleet: 50 m vrije slag met vinnen, met slepen van reddingsgordel en een slachtoffer (= derde atleet)

Gedetailleerde beschrijving van de proef

De eerste atleet zwemt 50 m vrije slag (zonder vinnen). Nadat de eerste atleet de zwembadrand heeft aangetikt duikt de tweede atleet in het water en zwemt 50 m vrije slag met vinnen. Als de tweede atleet de zwembadrand heeft aangeraakt vertrekt de derde atleet en zwemt 50 m vrije slag met reddingsgordel (zonder vinnen).

Bij de start, mag de reddingsgordel en de koord vastgehouden worden naar eigen goedvinden maar wel binnen de eigen zwembaan. De riem van de reddingsgordel moet altijd gedragen worden over één schouder ofwel dwars erover. Indien de riem tijdens het zwemmen van de schouder valt, op de arm of elleboog van de atleet, de atleet op die manier verder zwemt dan wordt de atleet niet uitgesloten.

Tijdens deze 50m moet de koord van de reddingsgordel niet strak achter de atleet gesleept worden tot bij het aantikken van de muur bij de overgave van de gordel.
Pas nadat de atleet de zwembadrand heeft aangetikt, geeft de atleet de reddingsgordel door aan de vierde atleet (met vinnen) die zich in het water bevindt en met minstens één hand de zwembadrand of de startblok vasthoudt. De vierde atleet mag de riem of gelijk welk deel van de reddingsgordel niet aanraken voordat de derde atleet de muur heeft aangetikt.

De derde atleet speelt de rol van slachtoffer en houdt de reddingsgordel met beide handen vast terwijl hij/zij wordt voortgetrokken door de vierde atleet tot aan het einde van de proef.
De derde atleet moet de gordel met beide handen vast hebben vooraleer zijn hoofd de 5 m-lijn passeert. De vierde atleet zwemt vrije slag tot aan de aankomst. Van zodra het hoofd van het slachtoffer de 10m lijn overschrijdt moet ook de koord gestrekt achter de vierde atleet gesleept worden. Concreet betekent dit dat hij de koord niet rond het lichaam noch rond de boei mag knopen.

Zowel de vierde en de derde atleet (slachtoffer) moet vertrekken vanuit de muur
Het slachtoffer mag tijdens het vervoeren enkel helpen met beenslagen, geen andere hulp is toegestaan. Enkel bij het afschuiven kunnen de handen aan de reddingsgordel verplaatst worden zonder echter in het water armbewegingen mee te maken.

 

B4: Linethrow

Beschrijving van de proef

Bij de open cetegoirie werpt de atleet een lichte koord naar een teamgenoot die zich in het water bevindt op ongeveer 12 m afstand. Hij sleept vervolgens het slachtoffer terug naar de kant van het bad. Bij -15 jarigen is de afstand tot aan de crossbar slechts 8 m.

Voorbereiding tot de start

Op een lang fluitsignaal van de wedstrijdleider stappen beide atleten in de werpzone en bereiden zich voor op de start. De opgerolde koord ligt in de werpzone. Het slachtoffer neemt een uiteinde, springt in het water en zwemt met de koord naar het midden van de hem toegewezen baan. Aangekomen aan de dwarslijn (12 m) gooit hij de rest van de koord over de dwarslijn en zorgt dat de koord gestrekt is voorbij deze dwarslijn. Hij keert terug voor de dwarslijn. Met één hand neemt hij het merkteken in het midden van de dwarslijn vast en met de andere hand blijft hij de koord vasthouden. Ofwel houdt hij de koord en de dwarslijn beide gelijktijdig met dezelfde hand vast. Het slachtoffer mag zwem bril dragen.

De redder maakt zich klaar voor de start: het andere uiteinde van de koord in een hand, aangezicht naar het slachtoffer, benen samen en beide armen langs het lichaam.

Start

Als de wedstrijdleider ziet dat de atleten klaar zijn voor de start geeft hij met de arm het teken aan de starter. Deze roept “op uw plaatsen”. Zodra alle atleten onbeweeglijk zijn geeft hij met een fluitsignaal de start.
De valse startprocedure is dezelfde als bij de zwemproeven.

Verloop van de proef

Na het startsignaal trekt de werper de koord naar zich toe (het slachtoffer mag de koord blijven leiden) en werpt die dan terug naar het slachtoffer.
Pas zodra het slachtoffer de koord vast heeft mag hij de dwarslijn aan het merkteken loslaten en zich naar de kant laten slepen.

Het slachtoffer mag onderduiken om de koord te nemen zonder de dwarslijn te lossen
Het slachtoffer mag met zijn hand of voet niet in de baan naast hem komen om de koord te grijpen. Let op het is best mogelijk dat een deel van de koord in de aangrenzende baan ligt maar hij grijpt de koord in zijn baan, dit is juist.
Slachtoffers mogen de koord of het uiteinde grijpen als het in de lucht is of in het water valt. Nogmaals: merkteken van de dwarslijn met een hand blijven vasthouden.
Tijdens het slepen moet het slachtoffer op de buik liggend de koord met beide handen vasthouden. Met de benen helpen is hierbij toegestaan. Pas op het einde laat het slachtoffer met één hand de koord los zonder zich met de andere hand aan de koord op te trekken en tikt met die eerste hand duidelijk de muur aan.
De proef eindigt wanneer het slachtoffer de muur aantikt.
Het is mogelijk dat de werper niet vanaf de eerste keer de koord ver genoeg werpt of dat het slachtoffer tijdens het slepen de koord loslaat, de redder kan de koord terug naar zich toe trekken en het slachtoffer neemt opnieuw zijn plaats in bij de dwarslijn.
Het slachtoffer blijft na het aantikken in het water, d.w.z. een deel van het slachtoffer moet constant in het water blijven tot het fluitsignaal het einde van de proef aangeft. De redder moet gedurende de hele proef in de werpzone blijven, d.w.z. hij moet steeds één volldige voet in de werpzone houden – dit betekent niet noodzakelijk op de grond want als deze voet in de lucht is boven de werpzone wordt de atleet niet uitgesloten. Pas als alle ploegen de proef hebben beëindigd of na 45 sec zal de wedstrijdleider of de starter met een fluitsignaal te kennen geven dat alle deelnemers hun plaats mogen verlaten.

Comments are closed.